Borstvoeding en flesvoeding uitgelegd
Snel duidelijke uitleg over borstvoeding en flesvoeding.
- Alle categoriën
- Borstvoeding
- Flesvoeding
Aanhappen
Aanhappen beschrijft de manier waarop een baby de borst vastpakt tijdens het drinken. Een goede aanhap zorgt ervoor dat de kaak en tong van je baby de melkkanaaltjes achter de tepelhof goed samenknijpen, zodat de melk effectief wordt opgenomen. Dit maakt borstvoeding comfortabeler voor zowel baby als moeder en helpt pijnklachten en tepelproblemen te voorkomen.
Voorbeeld
Emma merkte dat borstvoeding geven soms pijnlijk was. Samen met een lactatiekundige werkte ze aan het aanhappen van haar baby, waardoor de voedingen prettiger en rustiger werden.
Aanhapproblemen
Aanhapproblemen zijn moeilijkheden die een baby kan hebben bij het goed aanhappen aan de borst tijdens borstvoeding. Een onjuiste aanhap kan zorgen voor pijn bij de moeder en ervoor dat de baby minder melk binnenkrijgt. Met de juiste begeleiding zijn aanhap-problemen vaak goed te verhelpen.
Voorbeeld
Michelle merkte dat borstvoeding niet soepel liep en soms pijnlijk was. Met hulp van een lactatiekundige werkte ze aan de aanhap van haar baby, waardoor de voedingen prettiger verliepen.
Achtermelk
Achtermelk is de moedermelk die vooral vrijkomt aan het einde van een borstvoeding en later op de dag. Deze melk bevat meer vet en calorieën dan de melk aan het begin van de voeding. Achtermelk helpt je baby om zich verzadigd te voelen en ondersteunt een gezonde groei.
Voorbeeld
Maria merkte dat haar baby meer tevreden leek na een langere voeding, wat wees op een goede opname van achtermelk.
afbouwen
Het afbouwen van borstvoeding is het proces waarbij een baby geleidelijk of soms in één keer overstapt van borstvoeding naar andere vormen van voeding, zoals flesvoeding of vaste voeding. Dit kan in het tempo van de baby gebeuren, van de moeder, of door omstandigheden zoals werk of gezondheid. Een rustige afbouw helpt om ongemak voor moeder en baby te beperken.
Voorbeeld
Ezra besloot de borstvoeding langzaam af te bouwen. Door voedingen stap voor stap te vervangen, verliep de overgang naar andere voeding voor haar baby rustig en voorspelbaar.
Afwisselend borst en fles voeden
Afwisselend borst en fles voeden betekent dat een baby tijdens één voedingsmoment of binnen dezelfde periode zowel aan de borst als uit de babyfles drinkt. Dit kan worden toegepast om borst en babyfles beter te combineren, bijvoorbeeld wanneer een voeding wordt aangevuld met een fles of wanneer meerdere verzorgers voeden. Rustig tempo en goede afstemming op de signalen van de baby zijn hierbij belangrijk.
Voorbeeld
Hedwig liet haar baby eerst aan de borst drinken en bood daarna de babyfles aan om de voeding af te maken.
Antikoliek babyfles
Een antikoliek babyfles is een marketingterm voor babyflessen die zijn ontworpen om de hoeveelheid lucht die een baby inslikt tijdens het drinken te verminderen. Dit gebeurt bijvoorbeeld met een ventielsysteem of een speciale vorm van de babyfles. Minder luchtinslikken kan helpen om klachten zoals krampjes en gasvorming te verminderen, al verschilt het effect per baby.
Voorbeeld
Eva stapte over op een antikoliek babyfles omdat haar baby last had van krampjes. Ze hoopte dat het ventielsysteem zou helpen om het drinken rustiger en comfortabeler te maken.
Babydragen
Het dragen van je baby in een draagdoek of draagzak om je baby dicht bij je te houden voor hechting en gemak. Veelgebruikte vormen zijn ringslings, draagdoeken, ergonomische draagzakken en draagrugzakken. Er bestaan ook combinaties van deze vormen.
Voorbeeld
Lisa draagt haar baby in een draagdoek, zodat ze haar handen vrij heeft en haar baby dichtbij blijft.
babyfles
Een babyfles is een fles met een flesspeen, die wordt gebruikt om baby’s te voeden met flesvoeding of afgekolfde moedermelk. Babyflessen zijn er in verschillende vormen en materialen en kunnen helpen bij het afwisselen of vervangen van borstvoeding.
Voorbeeld
Daniël maakte alvast een babyfles met flesvoeding klaar voor de volgende voeding. Zo stond alles gereed wanneer de baby wakker werd.
Best Practice
Best practice verwijst naar gezondheidspraktijken, benaderingen en interventies die zijn gebaseerd op betrouwbaar en hoogwaardig wetenschappelijk bewijs. Deze werkwijzen worden gezien als de beste manier om gezondheid en welzijn te ondersteunen, omdat ze aantoonbaar leiden tot betere gezondheidsuitkomsten.
Voorbeeld
De beste praktijk voor de behandeling van mastitis is recent aangepast. Waar eerder warme therapie en stevige massage werden geadviseerd, ligt de focus nu op koude therapie en lichte massage. Noëlle kreeg dit advies van haar lactatiekundige en merkte dat de klachten daardoor sneller afnamen en het voeden prettiger werd.
Bewaaradvies voor afgekolfde moedermelk
Het bewaaradvies voor afgekolfde moedermelk bestaat uit richtlijnen voor het veilig bewaren van moedermelk, zodat de kwaliteit en voedingswaarde behouden blijven. Deze adviezen geven aan hoe lang moedermelk in de koelkast of vriezer bewaard kan worden.
Voorbeeld
Volgens het bewaaradvies bewaart Sophie afgekolfde moedermelk maximaal 3 dagen in de koelkast en enkele maanden in de vriezer.
Biomimetisch
Biomimetisch betekent dat een product is ontworpen door de natuur na te bootsen. Hierbij worden vormen, systemen en processen uit de natuur gebruikt om menselijke problemen op te lossen. In de babyzorg wordt biomimetisch ontwerp ingezet om producten te maken die zo dicht mogelijk aansluiten bij natuurlijke functies, zoals drinken aan de borst.
Voorbeeld
De Emulait Anatomy babyfles is biomimetisch ontworpen en bootst de vorm en werking van de menselijke borst na. Daardoor voelt het drinken voor veel baby’s natuurlijker en vertrouwder aan.
Boeren
Boeren is het laten ontsnappen van lucht uit de maag van een baby, meestal tijdens of na het voeden. Dit helpt om ongemak, krampjes en spugen te voorkomen en kan voor sommige baby’s het einde van een voeding aangeven. Boeren gebeurt vaak door een baby rechtop te houden en zachtjes op de rug te kloppen of te wrijven.
Voorbeeld
Na de voeding hield Tom zijn baby rechtop en klopte zachtjes op de rug. Zo hielp hij zijn baby om te boeren en zich comfortabeler te voelen.
Borstcompressie
Borstcompressie is het zacht indrukken van de borst tijdens het voeden, om de melkstroom op gang te houden. Door de borst 1 tot 3 seconden licht samen te drukken, stroomt de melk beter en kan je baby effectiever zuigen en drinken.
Voorbeeld
Door borstcompressie toe te passen, kreeg Kim’s baby zowel voormelk als achtermelk binnen tijdens de voeding.
Borstontsteking
Borstontsteking (mastitis) is een ontsteking van het borstweefsel die kan optreden tijdens de borstvoedingsperiode. De borst kan pijnlijk, rood en warm aanvoelen en de moeder kan koorts of grieperige klachten krijgen. Borstontsteking ontstaat vaak door een verstopte melkklier of doordat melk niet goed uit de borst wordt afgevoerd. Vroege herkenning en behandeling zijn belangrijk om verergering te voorkomen.
Voorbeeld
Rebecca merkte dat haar borst pijnlijk en warm werd en dat ze zich ziek voelde. Ze herkende de signalen van borstontsteking en nam contact op met haar huisarts, waardoor verdere klachten werden voorkomen.
Borstvoeding geven
Borstvoeding geven is het voeden van een baby met moedermelk, direct aan de borst of met afgekolfde melk.
Voorbeeld
Anne geeft haar pasgeboren baby elke twee tot drie uur borstvoeding, zodat de baby voldoende voeding krijgt.
Borstvoedingsthee
Borstvoedingsthee is een kruidenthee die vaak wordt gebruikt tijdens de borstvoedingsperiode. Deze thee bevat ingrediënten zoals fenegriek of venkel, die bekendstaan om hun mogelijke ondersteuning van de melkproductie. Veel moeders drinken borstvoedingsthee niet alleen vanwege het effect op de melkproductie, maar ook als een rustgevend moment voor zichzelf.
Voorbeeld
Sanne drinkt elke avond een kop borstvoedingsthee terwijl haar baby slaapt. Het helpt haar ontspannen en geeft haar een fijn moment voor zichzelf tijdens het geven van borstvoeding.
Borstweigeren
Borstweigeren is een tijdelijke fase waarin een baby de borst niet wil drinken. Dit kan verschillende oorzaken hebben, zoals doorkomende tandjes, ziekte, overprikkeling of veranderingen in de dagelijkse routine. Borstweigeren is meestal tijdelijk en betekent niet dat een baby definitief stopt met borstvoeding.
Voorbeeld
Na een paar onrustige dagen wilde de baby van Judith ineens niet meer aan de borst drinken. Met rust, huid-op-huidcontact en geduld kwam het borstweigeren vanzelf weer tot een einde.
Clustervoeden
Clustervoeden betekent dat een baby gedurende enkele uren vaker dan normaal borstvoeding wil drinken. Dit komt vooral voor bij pasgeboren baby’s tot ongeveer 3 à 4 maanden en gebeurt vaak tijdens groeispurten.
Voorbeeld
Fatma merkte dat haar baby ’s avonds steeds vaker wilde drinken. Het clustervoeden hoorde bij een groeispurt.
Clustervoeden (clusteren)
Clustervoeden, ook wel clusteren genoemd, is een voedingspatroon waarbij een baby in korte tijd meerdere voedingen achter elkaar wil. Dit kan voorkomen bij zowel borstvoeding als flesvoeding. Clustervoeden wordt vaak gezien tijdens een groeispurt, wanneer een baby tijdelijk meer voeding nodig heeft.
Voorbeeld
Esther merkte dat haar baby door een groeispurt ging, wat resulteerde in cluster voeding met de fles gedurende een paar dagen.
Colostrum
Colostrum is de eerste moedermelk die je lichaam aanmaakt in de eerste dagen na de geboorte. Deze melk is zeer geconcentreerd en rijk aan voedingsstoffen en antistoffen die het immuunsysteem van je baby ondersteunen.
Voorbeeld
Sanne stond versteld van de kleine hoeveelheid colostrum die haar lichaam aanmaakte, en van hoe waardevol deze melk is voor haar baby.
Combinatievoeding
Combinatievoeding is het geven van zowel borstvoeding als flesvoeding. Dit kan betekenen dat borst en babyfles elkaar afwisselen, of dat een baby zowel moedermelk als flesvoeding krijgt. Combinatievoeding kan ouders meer flexibiliteit geven en maakt het mogelijk om de zorg en voedingen te delen.
Voorbeeld
David en Tamara kozen voor combinatievoeding. Zo kon Tamara blijven borstvoeden en kon Daniel ook voedingen geven met de babyfles, wat zorgde voor meer rust en flexibiliteit.
D-MER (Dysforische toeschietreflex)
D-MER is een aandoening waarbij een moeder vlak voor of tijdens de toeschietreflex plots negatieve emoties ervaart, zoals somberheid, onrust of angst. Deze gevoelens duren meestal kort en hangen samen met hormonale veranderingen tijdens het op gang komen van de melkstroom. D-MER zegt niets over hoe iemand zich voelt over haar baby of over borstvoeding geven.
Voorbeeld
Door te begrijpen wat D-MER is, kon Laura beter omgaan met de emotionele momenten die zij ervoer tijdens het voeden.
Doorkomende tandjes
Doorkomende tandjes is het proces waarbij de eerste tanden van een baby door het tandvlees heen komen. Dit kan invloed hebben op borstvoeding, omdat sommige baby’s op de tepel gaan bijten om de pijn te verlichten. Hierdoor kan voeden tijdelijk ongemakkelijk of pijnlijk aanvoelen. Het aanbieden van bijtspeelgoed kan helpen om de druk op het tandvlees te verminderen.
Voorbeeld
Tijdens het voeden merkte Nikki dat haar baby soms beet. Ze herkende dat de tandjes doorkwamen en bood vaker een bijtring aan, waardoor het voeden weer prettiger werd.
Doorstroomsnelheid van de flesspeen
De doorstroomsnelheid van de flesspeen geeft aan hoe snel de melk uit de babyfles stroomt. Flesspenen zijn verkrijgbaar met verschillende snelheden, zodat ze kunnen worden afgestemd op de drinkvaardigheid en behoefte van de baby. Een passende doorstroomsnelheid helpt om verslikken, onrust of te snel drinken te voorkomen.
Voorbeeld
Fleur merkte dat haar baby onrustig werd tijdens het drinken. Ze stapte over op een flesspeen met een lagere doorstroomsnelheid, waardoor het drinken weer rustiger verliep.
Flessenwarmer
Een flessenwarmer is een apparaat waarmee flesvoeding of afgekolfde moedermelk gelijkmatig wordt opgewarmd tot een prettige drinktemperatuur voor de baby. Het helpt om melk veilig te verwarmen, zonder voedingsstoffen te beschadigen door te hoge temperaturen.
Voorbeeld
Mikhael gebruikte een flessenwarmer om moedermelk rustig op te warmen. Zo had zijn baby meteen een voeding op de juiste temperatuur.
Flesspeen
Een flesspeen is het rubberen of siliconen uiteinde van een babyfles waaruit een baby drinkt. De flesspeen is ontworpen om het drinken aan de borst zo goed mogelijk na te bootsen. Flesspenen zijn er in verschillende vormen en doorstroomsnelheden. Voor pasgeboren baby’s wordt vaak een slow flow flesspeen aangeraden, zodat de melk rustig stroomt en het drinken niet te snel gaat.
Voorbeeld
De kinderarts adviseerde om voor de baby van Sophie een slow flow flesspeen te gebruiken. Zo kon haar baby in een rustig tempo drinken zonder zich te verslikken.
Flesvoeding geven
Flesvoeding geven betekent dat een baby (gedeeltelijk of volledig) wordt gevoed met flesvoeding in plaats van borstvoeding. Dit kan een bewuste keuze zijn of voortkomen uit praktische redenen, zoals werk, gezondheid of persoonlijke omstandigheden. Flesvoeding kan ook worden gecombineerd met borstvoeding.
Voorbeeld
Door hun werk besloten Mark en Rachel om vaker flesvoeding te geven. Ze combineerden dit met borstvoeding, zodat hun baby flexibel kon wennen aan beide vormen van voeding.
Flesvoeding in poedervorm (melkpoeder)
Flesvoeding in poedervorm, ook wel melkpoeder genoemd, is babyvoeding die als poeder wordt geleverd en vóór gebruik moet worden gemengd met water. Het is belangrijk om het melkpoeder zorgvuldig af te meten en de juiste verhouding met water te gebruiken, zodat je baby precies krijgt wat hij nodig heeft.
Voorbeeld
Mark gebruikte een Baby Brezza flesjesmaker om het melkpoeder automatisch en nauwkeurig te doseren en met water te mengen. Zo wist hij zeker dat de flesvoeding altijd de juiste samenstelling had voor zijn baby.
formule
Flesvoeding is industrieel bereide babyvoeding die is ontwikkeld om te voorzien in de basisbehoeften van een baby, zoals voeding en vocht. Flesvoeding bevat zorgvuldig samengestelde ingrediënten die aansluiten bij wat een baby nodig heeft om te groeien. Er bestaan ook speciale soorten flesvoeding, zoals hypoallergene varianten, die worden gebruikt bij bijvoorbeeld een koemelkeiwitallergie.
Voorbeeld
Michelle koos voor een speciale hypoallergene flesvoeding nadat haar baby gevoelig bleek te reageren op koemelkeiwitten. Zo kreeg haar baby toch de juiste voeding, zonder klachten.
Galactagoog
Een galactagoog is een voedingsmiddel, kruid of medicijn waarvan wordt gedacht dat het de melkproductie kan stimuleren. Voorbeelden die vaak worden genoemd zijn fenegriek en havermout. Het effect verschilt per persoon en is niet altijd wetenschappelijk bewezen.
Voorbeeld
Noor gebruikte havermout als galactagoog in de hoop haar melkproductie te ondersteunen.
Kant en klare flesvoeding (ready to feed)
Kant en klare flesvoeding is vooraf gemengde babymelk die direct kan worden gegeven, zonder water toe te voegen. Dit is de enige vorm van flesvoeding die steriel is. Daarom wordt deze vaak geadviseerd voor pasgeboren baby’s of te vroeg geboren baby’s. Daarnaast is kant en klare flesvoeding handig voor onderweg, omdat je niets hoeft te mengen.
Voorbeeld
Lisa gebruikte tijdens uitstapjes kant en klare flesvoeding. Zo kon ze haar baby snel voeden zonder ter plekke een babyfles te hoeven bereiden.
Kolven
Kolven is het afkolven en opvangen van moedermelk met behulp van een borstkolf. Veel moeders kolven om hun melkproductie op peil te houden, om een voorraad op te bouwen of wanneer ze (tijdelijk) niet bij hun baby kunnen zijn, bijvoorbeeld bij werk. Afgekolfde melk kan later worden bewaard en uit een babyfles worden gegeven.
Voorbeeld
Deborah ging weer aan het werk en bouwde een vaste kolfroutine op. Zo kon ze haar melkproductie behouden en haar baby ook overdag moedermelk geven.
Krampjes (koliek))
Krampjes zijn periodes van hevig huilen bij een verder gezonde baby, veroorzaakt door buikpijn of ongemak in het maag en darmstelsel. Er wordt gesproken van krampjes wanneer een baby meer dan drie uur per dag huilt, op drie of meer dagen per week, gedurende minstens drie weken. Deze fase komt vooral voor in de eerste maanden en gaat meestal vanzelf over.
Voorbeeld
Aan het einde van de middag begon de baby van Willem vaak langdurig te huilen. De huisarts legde uit dat dit krampjes waren en dat dit veel voorkomt bij jonge baby’s.
Lage melkproductie
Lage melkproductie betekent dat een moeder minder moedermelk aanmaakt dan haar baby nodig heeft. Dit kan verschillende oorzaken hebben, zoals weinig aanleggen, onregelmatig voeden of een beperkte hoeveelheid melkklierweefsel. Ook onvoldoende stimulatie van de borst kan ervoor zorgen dat de melkproductie afneemt. Met de juiste begeleiding is het vaak mogelijk om de melkproductie te ondersteunen of te verbeteren.
Voorbeeld
Michelle merkte dat haar baby onrustig bleef na het voeden. Na overleg met een lactatiekundige bleek dat ze een lage melkproductie had, en kreeg ze advies om vaker aan te leggen en haar borsten beter te stimuleren.
Langdurig borstvoeding geven
Langdurig borstvoeding geven betekent dat je een kind ook na het eerste levensjaar borstvoeding blijft geven, bijvoorbeeld in de peuterleeftijd. Internationale gezondheidsorganisaties adviseren om borstvoeding te geven tot ten minste twee jaar, en daarna zolang moeder en kind dat willen.
Voorbeeld
Laura gaf haar peuter nog borstvoeding, omdat dit voor hen beiden goed voelde.
LATCH score
De latch score is een klinisch scoringssysteem dat wordt gebruikt om de kwaliteit van het borstvoeden te beoordelen. Zorgverleners kijken hierbij onder andere naar hoe de baby aanhapt, hoe effectief hij drinkt en of de voeding comfortabel verloopt. De latch score wordt meestal gebruikt in het ziekenhuis door verpleegkundigen en lactatiekundigen, vooral in de eerste dagen na de geboorte.
Voorbeeld
In het ziekenhuis kreeg Lieve uitleg over de LATCH score. De verpleegkundige gebruikte deze score om te beoordelen of haar baby goed aan de borst dronk en om gericht advies te geven.
Melkblaar
Een melkblaar is een klein, wit en vaak pijnlijk blaasje op de tepel. Het ontstaat door een ontsteking of verstopping in het weefsel van een melkkanaaltje, waardoor melk niet goed kan doorstromen. Een melkblaar kan gevoelig zijn tijdens het voeden. Het is belangrijk om er niet aan te peuteren, omdat dit de kans op een infectie vergroot.
Voorbeeld
Tijdens het voeden voelde Patricia een scherpe pijn aan haar tepel. Ze ontdekte een klein wit plekje en herkende dit als een melkblaar. Op advies van haar lactatiekundige liet ze het plekje met rust en verbeterde ze de doorstroming met warmte en goed aanleggen.
Melkdonatie
Melkdonatie is het vrijwillig afstaan van moedermelk aan een moedermelkbank of rechtstreeks aan een andere moeder. Dit wordt ook wel community sharing genoemd. Donormelk kan van grote waarde zijn voor baby’s die (tijdelijk) geen moedermelk van hun eigen moeder kunnen krijgen, bijvoorbeeld bij ziekte of een te vroege geboorte.
Voorbeeld
Eline had meer moedermelk dan haar baby nodig had. Ze besloot haar overtollige melk te doneren via een melkbank, zodat ook andere baby’s hiervan konden profiteren.
Moedermelkvervanger
Een moedermelkvervanger is elke vloeistof die aan een baby wordt gegeven wanneer borstvoeding niet beschikbaar is of niet wordt gekozen. Dit kan bijvoorbeeld flesvoeding zijn, maar ook water in specifieke situaties en leeftijden. Moedermelkvervangers worden gebruikt om een baby te voeden of te troosten wanneer moedermelk geen optie is, bijvoorbeeld door werk, persoonlijke keuze of medische redenen.
Voorbeeld
Evelien koos voor een moedermelkvervanger toen ze weer aan het werk ging. Zo konden de verzorgers van haar baby de voedingen eenvoudig overnemen.
Omgekeerd Druk Verzachten
Reverse pressure softening (RPS) is een techniek waarbij zachte, gelijkmatige druk rondom de tepel wordt gegeven om de tepelhof tijdelijk zachter te maken. Hierdoor kan een baby makkelijker aanhappen. Deze techniek wordt vaak gebruikt bij stuwing of bij platte tepels, wanneer de borst te gespannen is om goed aan te happen.
Voorbeeld
Na de bevalling had Miriam last van stuwing, waardoor aanhappen lastig werd. Met reverse pressure softening maakte ze de tepelhof zachter, zodat haar baby makkelijker kon drinken.
Onbalans tussen voormelk en achtermelk
Een onbalans tussen voormelk en achtermelk ontstaat wanneer een baby vooral voormelk binnenkrijgt en te weinig achtermelk tijdens een voeding. Dit hangt vaak samen met een te hoge melkproductie, waardoor de baby niet lang genoeg aan dezelfde borst drinkt om bij de vettere achtermelk te komen.
Voorbeeld
Een lactatiekundige hielp Yasmin bij het herstellen van de balans tussen voormelk en achtermelk door haar melkproductie beter af te stemmen op de behoefte van haar baby.
Paced Bottle-Feeding
Therapeutisch flesvoeden is een manier van flesvoeding geven waarbij het tempo en de pauzes van borstvoeding worden nagebootst. De baby drinkt in een rustig ritme, met korte rustmomenten tussen zuigen en slikken. Dit helpt de baby om beter zelfregie te houden over het drinken en ondersteunt comfortabel, natuurlijk voeden. Therapeutisch flesvoeden wordt vaak ingezet om borst en babyfles beter te combineren of bij onrustig drinken.
Voorbeeld
Stefan paste therapeutisch flesvoeden toe door zijn baby rechtop te voeden en regelmatig pauzes te laten. Daardoor bleef het drinken ontspannen en in een natuurlijk tempo.
Pijn bij toeschietreflex
Pijn bij de toeschietreflex is een tintelend, stekend of licht pijnlijk gevoel dat sommige moeders ervaren wanneer de melk begint te stromen. Dit gebeurt op het moment dat de borst de melk vrijgeeft tijdens het voeden of kolven. Het gevoel is meestal tijdelijk en neemt vaak af naarmate het lichaam gewend raakt aan borstvoeding.
Voorbeeld
Tijdens het voeden voelt Aysa soms een korte, scherpe prikkeling in haar borst. Haar verloskundige legt uit dat dit pijn bij de toeschietreflex is en dat het meestal vanzelf minder wordt.
Reinigen en desinfecteren
Reinigen en desinfecteren is het proces waarbij bacteriën en andere micro organismen van babyflessen en toebehoren worden verwijderd tot een veilig niveau. Voor gezonde baby’s is dit meestal voldoende om veilig te kunnen voeden. Grondig wassen, bijvoorbeeld in de vaatwasser of flessenwasser op een heet programma, wordt voor de meeste gezinnen gezien als een goede manier van desinfecteren.
Voorbeeld
Na elke voeding zette Eelco de babyflessen in de vaatwasser op een heet programma. Zo wist hij zeker dat alles goed schoon en veilig was voor de volgende voeding.
Responsief flesvoeden
Responsief flesvoeden is een manier van voeden waarbij de verzorger goed let op de hongersignalen van de baby en hierop inspeelt. De baby bepaalt het tempo van drinken en mag zelf pauzes nemen. Door te kijken naar signalen zoals zuigen, stoppen, wegkijken of ontspannen handen, ontstaat er meer afstemming en communicatie tussen baby en verzorger. Dit ondersteunt een prettig en natuurlijk voedingsmoment.
Voorbeeld
Anita paste responsief flesvoeden toe door haar baby regelmatig pauzes te geven en het tempo aan te passen aan zijn signalen. Zo bleef het voeden rustig en afgestemd op wat haar baby nodig had.
Sondevoeding
Sondevoeding is een manier van voeden waarbij moedermelk of flesvoeding via een dun slangetje rechtstreeks in de maag wordt gegeven. Het slangetje gaat via de neus of de mond. Deze vorm van voeden wordt vaak gebruikt bij te vroeg geboren baby’s of baby’s die (nog) niet zelfstandig kunnen drinken. Sondevoeding zorgt ervoor dat een baby toch voldoende voeding en energie binnenkrijgt voor groei en herstel.
Voorbeeld
De te vroeg geboren baby van Brian en Maria kreeg in het ziekenhuis sondevoeding. Zo werd zijn voeding veilig toegediend terwijl hij de tijd kreeg om sterker te worden.
Spruw (candida-infectie)
Spruw is een schimmel- of gistinfectie die kan voorkomen bij moeder en baby tijdens de borstvoedingsperiode. De infectie wordt veroorzaakt door de candida-schimmel en kan zorgen voor pijnlijke, branderige tepels bij de moeder en witte plekjes in de mond van de baby. Omdat spruw gemakkelijk wordt overgedragen, is het belangrijk dat moeder en baby tegelijk worden behandeld.
Voorbeeld
Sophie merkte dat borstvoeding steeds pijnlijker werd en zag witte plekjes in de mond van haar baby. De arts herkende dit als spruw en schreef behandeling voor voor hen allebei, waardoor de klachten verdwenen.
Stuwing
Stuwing is het gespannen, volle en soms pijnlijke gevoel in de borsten dat ontstaat door een teveel aan moedermelk. Dit komt vaak voor in de eerste dagen na de bevalling, wanneer de melkproductie op gang komt en nog niet is afgestemd op de behoefte van je baby.
Voorbeeld
Lisa had in de eerste week na de bevalling last van stuwing, waardoor borstvoeding geven tijdelijk lastiger was tot haar melkproductie zich had aangepast.
Tepel-speenverwarring
Tepel-speenverwarring is het verschijnsel waarbij een baby moeite heeft met het afwisselen tussen borstvoeding en drinken uit een babyfles. De manier van zuigen aan de borst verschilt van drinken uit een fles, wat verwarrend kan zijn voor sommige baby’s. Steeds vaker spreken zorgprofessionals ook van flesvoorkeur of flowvoorkeur, omdat een baby kan wennen aan een snellere of makkelijkere melkstroom.
Voorbeeld
Mark merkte dat zijn baby onrustig werd bij het wisselen tussen borst en babyfles. Hij vroeg zich af of er sprake was van tepel-speenverwarring en kreeg uitleg over rustig voeden en een natuurlijke drinkhouding.
Tepelbeschermers
Tepelbeschermers zijn harde of semi-harde schaaltjes die je in je beha draagt om gevoelige of pijnlijke tepels te beschermen. Ze vangen eventueel lekkende moedermelk op en zorgen ervoor dat de tepel niet langs de stof schuurt. Tepelbeschermers kunnen ook helpen bij het herstellen van beschadigde tepels of bij het naar buiten laten komen van ingetrokken tepels.
Voorbeeld
Nadia gebruikte tepelbeschermers tijdens het voeden om haar pijnlijke tepels te beschermen.
Tepelhoedje
Een tepelhoedje is een dunne siliconen hoes die over de tepel wordt geplaatst tijdens het voeden. Het kan helpen bij het aanhappen, bijvoorbeeld bij pijnlijke tepels, een moeilijke aanhap of een ingetrokken tepel. Een tepelhoedje kan tijdelijk ondersteuning bieden, maar wordt bij voorkeur gebruikt in overleg met een lactatiekundige.
Voorbeeld
Tijdens de eerste weken van de borstvoeding had Aliza veel pijn bij het aanhappen. Op advies van haar lactatiekundige gebruikte ze tijdelijk een tepelhoedje, waardoor het voeden prettiger werd.
Tepelvormer
Een tepelvormer is een hulpmiddel dat helpt bij het aanhappen tijdens borstvoeding. Door de tepel en het omliggende borstweefsel voorzichtig naar voren te trekken, kan je baby de borst makkelijker dieper in de mond nemen. Dit kan vooral helpen bij een ingetrokken of platte tepel en draagt bij aan een comfortabelere voeding.
Voorbeeld
Jente gebruikte een tepelvormer op advies van haar lactatiekundige. Daardoor kon haar baby beter aanhappen en verliepen de voedingen rustiger en zonder pijn.
Toeschietreflex
De toeschietreflex is het moment waarop moedermelk vrijkomt uit de melkkanalen in de borst. Dit proces wordt aangestuurd door het hormoon oxytocine en zorgt ervoor dat de melk gaat stromen tijdens het voeden of kolven. De toeschietreflex kan worden opgewekt door zuigen aan de borst, maar ook door huilen van je baby, huid-op-huidcontact of zelfs alleen al aan je baby denken.
Voorbeeld
Monique merkt dat haar melk begint te stromen zodra haar baby aanhapt. Soms voelt ze daarbij een tintelend gevoel. Dat is de toeschietreflex die ervoor zorgt dat de melk beschikbaar komt voor haar baby.
Tuitbeker
Een tuitbeker is een beker met een zachte of harde tuit die wordt gebruikt om de overgang van de babyfles of borst naar drinken uit een gewone beker te vergemakkelijken. De tuitbeker helpt een kind om zelfstandig te leren drinken en wordt vaak ingezet in de fase waarin de baby de babyfles langzaam loslaat.
Voorbeeld
Nora gebruikte een tuitbeker om haar kind te laten wennen aan drinken zonder babyfles. Zo verliep de overstap naar een gewone beker stap voor stap.
Verstopt melkkanaal
Een verstopt melkkanaal ontstaat wanneer melk niet goed uit een melkkanaal wegstroomt. Dit kan zorgen voor een gevoelige of pijnlijke plek in de borst. Vaak komt dit door een hoge melkproductie of een belemmerde afvoer van melk.
Voorbeeld
Fleur legde koude kompressen op haar borst en liet haar baby drinken met de kin richting de gevoelige plek om het verstopte melkkanaal te verhelpen.
Vloeibare flesvoeding
Vloeibare flesvoeding is kant en klare babymelk in vloeibare vorm. Sommige varianten moeten vóór gebruik worden verdund met water, terwijl andere direct uit de verpakking kunnen worden gegeven. Vloeibare flesvoeding wordt vaak gekozen vanwege het gebruiksgemak en de vaste samenstelling, bijvoorbeeld onderweg of op reis.
Voorbeeld
Monique koos tijdens het reizen voor vloeibare flesvoeding. Ze vond dit makkelijker dan poeder, omdat het sneller klaar was en minder voorbereiding vroeg.
Voormelk
Voormelk is de moedermelk die vrijkomt aan het begin van een borstvoedingsmoment. Deze melk is dunner en bevat relatief meer vocht, waardoor je baby eerst zijn dorst lest voordat de vettere melk volgt.
Voorbeeld
Aan het begin van de voeding kreeg de baby van Anna vooral voormelk binnen.
Zuigverwarring
Flowverwarring ontstaat wanneer een baby moeite krijgt met wisselen tussen drinken aan de borst en drinken uit de babyfles met flesspeen. Dit gebeurt vaak doordat de melk uit een babyfles makkelijker en sneller stroomt dan aan de borst. Veel deskundigen gebruiken deze term in plaats van tepelverwarring, omdat het probleem vooral draait om het verschil in melkstroom.
Voorbeeld
Toen Aysa weer aan het werk ging, kreeg haar baby last van flowverwarring door het drinken uit de babyfles op de opvang.